Herkent u dit? U heeft een goed beeld van ict-trends en -ontwikkelingen en hoe die uw collega’s kunnen helpen. Bijvoorbeeld om rekening te houden met individuele leerbehoeften van leerlingen of om gemakkelijker zicht te houden op hun leerprestaties. Maar de praktijk is weerbarstig. Collega’s binnen de school hebben weinig interesse in die boodschap, want:

De uitdaging is dan ook: hoe neem ik mijn collega’s mee die de mogelijkheden en voordelen van innovatieve ict níet direct voor zich zien?

© ISTOCK

Storytelling: krachtige verhalen die mensen aanspreken

Argumenteren om collega’s mee te krijgen in het belang van innovatieve technologie op school heeft niet altijd het gewenste effect. Gedragsbeïnvloeding via de weg van de ratio is dan ook lastig. Want mensen nemen beslissingen – bijvoorbeeld om ergens in mee te gaan of niet – vooral op basis van hun emoties, waarden en ervaringen. We noemen dit: de onderstroom. Als u collega’s ‘mee’ wil krijgen die de voordelen van innovatieve ict niet of vooral als ‘iets moeilijks’ zien, doet u er goed aan hiermee rekening te houden. Met een authentiek en geloofwaardig verhaal dat aansluit bij hun onderstroom, dat zichtbaar maakt wat innovatieve technologie voor hen kan betekenen en dat de kracht heeft om hen te raken, maakt u het gemakkelijker voor collega’s om technologie te omarmen.

Verhalen als manier om gedrag te beïnvloeden

Verhalen zijn onze oudste manier om kennis over te dragen, om concreet en betekenisvol te maken wat abstract is en om gedrag te beïnvloeden:

Maar verhalen moeten dan wel geloofwaardig zijn. Door verzonnen verhalen prikken mensen snel heen. De uitdaging is dus op zoek te gaan naar authentieke verhalen die aansluiten bij wat belangrijk is voor de ander.

Een voorbeeld

Lees hier het verhaal van Merel en Guus dat laat zien hoe Guus van overbelaste, niet geïnteresseerde leraar enthousiast pleitbezorger werd van nieuwe technologie op zijn school. De sleutel? Merel luisterde, was nieuwsgierig naar wat hem dreef als leraar en liet haar verhaal daar naadloos op aansluiten.

Dit verhaal legt de verbinding tussen de abstracte wereld van technologie en de concrete wereld van Guus: het maakt de betekenis van innovatieve technologie zichtbaar en voorstelbaar. Dát is wat verhalen doen. Daarom hebben mensen verhalen nodig. Daarom heeft een goed gekozen, authentiek verhaal grote overtuigingskracht.

Zelf aan de slag

Om zelf authentieke en geloofwaardige verhalen te kunnen vertellen die aansluiten bij de onderstroom van collega’s, vertellen we hier wat een verhaal is, hoe u goede verhalen ontdekt en welke elementen een goed verhaal bevat.

© The Story Connection

De elementen van een verhaal

De basisstructuur van een verhaal zoals we dat zelf dag in dag uit ontwikkelen, is niet ingewikkeld. Dit zijn de elementen:

  1. Introductie van plaats en tijd
  2. De hoofdpersoon
  3. Gebeurtenissen
  4. De worsteling
  5. De wending
  6. Medestanders en uitweg

Introductie van plaats en tijd

Een verhaal begint altijd met de introductie van een tijd, plaats en/of hoofdpersoon. In het verhaal van Merel en Guus: ‘Ongeveer een jaar geleden ontmoette ik Guus.’ Andere voorbeelden: “Weet je nog van Rick, vorig jaar?” Of “Ik was vorige week in Zoetermeer….” Zo beginnen onze verhalen: met een variant op “Er was eens….”

Hoofdpersoon

Verhalen gaan over mensen van vlees en bloed. Er is altijd een hoofdpersoon. Zoals Guus, een collega-leraar die ergens tegenaan loopt, een schoolbestuurder met een opdracht, enzovoort.

Gebeurtenissen

Verhalen gaan over wat de hoofdpersoon meemaakt: voorstelbare en concrete gebeurtenissen. Merel die Guus ontmoet en met hem aan de praat raakt, gefascineerd wordt door zijn verhaal over zijn leerlingen in Peru, geraakt wordt door zijn drive om het beste uit ieder kind te halen én daar bijna aan onderdoor gaat, enzovoort.

Worsteling

In ieder verhaal komt een worsteling voor: iets wat schuurt, een dilemma, een onverwachte gebeurtenis (die heel vervelend, maar evengoed onverwachts leuk kan zijn), een uitdaging. Dit is de kern van een verhaal. Als er geen schurend element is, als in een verhaal alleen maar de zon schijnt, raakt het ons niet. Wie het juiste verhaal bij de juiste luisteraar over het voetlicht wil krijgen, moet op zoek gaan naar een worsteling die op een of andere manier raakt aan wat essentieel is voor de luisteraar. Een goed gekozen verhaal raakt de luisteraar en op dat moment stapt hij als het ware zelf in het verhaal. Omdat hij zich realiseert: dit verhaal gaat net zo goed over mij en míjn leerlingen.

In het verhaal van Merel en Guus zien we Guus worstelen met zijn drive om het beste uit iedere leerling te halen en zijn gevoel van frustratie om dat waar te kunnen maken zonder eraan onderdoor te gaan. Deze herkenbare en invoelbare worsteling roept emotie op bij iedere leraar die ook wil dat leerlingen het beste uit zichzelf gaan halen én die ook maar 24 uur in een dag heeft.

Wending

De hoofdpersoon reageert altijd op een worsteling met een bewuste of onbewuste keuze om het hoofd boven water te kunnen houden. Dit noemen we de wending. In het verhaal van Merel en Guus is de reactie van Guus: nieuwsgierigheid naar wat Merel als oplossing voor zijn worsteling ziet.

Medestanders en uitweg

Om uit de worsteling te komen of de wending anders te laten verlopen, zijn medestanders nodig. Merel is dat in het verhaal van Guus: zij laat hem zien dat er een uitweg is uit zijn dilemma. Tegenstanders zijn eerst nog even Guus’ collega’s die hem ongemotiveerd vinden. Maar uiteindelijk zijn zij ook medestanders: samen gaan ze aan de slag met digitale dashboards.

In 5 stappen naar een pakkend verhaal als basis voor uw presentatie

Stap 1: Bepaal doel en boodschap

Stel de vraag: welke boodschap wil ik precies over het voetlicht brengen en welk verhaal heb ik dus nodig? Dit is wat Aristoteles ethos noemt.

Stap 2: Formuleer een goede narratieve vraag

Merel had Guus in hun gesprek deze vraag gesteld: “Wat was een gebeurtenis uit jouw werk of leven waarvan je zegt: Kijk, dáárom doe ik wat ik doe. Daarom spring ik ’s ochtends met plezier mijn bed uit?” Toen kwam Guus met het verhaal van Peru en zijn klas van nu. 

Dit noemen we een narratieve vraag: een vraag die verhalen oproept die raken aan wat belangrijk is voor de ander. De structuur van een narratieve vraag is altijd zo:

Geen wonder dat vragen met deze vorm verhalen oproepen: ze vragen immers naar onmisbare verhaal-elementen: gebeurtenissen en emotie. Het verhaal bevat dan wat Aristoteles pathos noemt.

Stap 3: Luister, luister, luister. En help als dat nodig is

Mensen zijn van nature verhalenvertellers. Het sluit aan bij hoe ons brein informatie verwerkt, hoe we als zingevende wezens altijd op zoek zijn naar de betekenis van informatie en gebeurtenissen en hoe we menselijke verbindingen tot stand brengen. Wie in groep 1 of 2 gaat luisteren tijdens de ochtendkring, hoort kinderen verrassend vaak verhalen vertellen die de basisverhaalstructuur hebben. Maar ergens in ons volwassen leven raken we de flair om verhalen op deze manier te vertellen, een beetje kwijt. Soms is het dus nodig om iemand die een ‘lang verhaal kort’ vertelt, te helpen het hele verhaal weer tevoorschijn te halen.

Stap 4: Begrijp de verbinding tussen het verhaal en de boodschap

Ga bij ieder verhaal dat u hoort, na wat het te zeggen heeft. Nog mooier is om deze vraag eerst aan de verteller te stellen: “Waar gaat dit verhaal voor jou over?” U hoort dan dingen als: “Hoe belangrijk/moeilijk/onmogelijk het voor me is om recht te doen aan iedere leerling afzonderlijk.” Dáár zit de essentie van het verhaal voor de verteller; zijn of haar waarde of drive. Nu weet u meteen waar u de connectie moet zoeken tussen dit verhaal en de IT-technologie die u over het voetlicht wil brengen: hoe raken beide aan elkaar? Zo zorgt u voor een logisch verband tussen uw boodschap en het verhaal dat u gebruikt om die boodschap over het voetlicht te brengen. Het is was Aristoteles logos noemt.

Stap 5: Presentatieverhaallijn – Vertel het verhaal in verbinding met de boodschap

Een persoonlijk verhaal staat in een presentatie nooit alleen. Het maakt deel uit van een groter geheel, dat zelf trouwens ook weer als verhaal kan worden opgebouwd. Een presentatie kan er zo uit zien:

Merel bouwt haar presentatie zo op:

Het verhaal van Guus laat ze dus als rode draad in haar presentatie  terugkomen (logos) om haar boodschap (ethos) te brengen op een manier die luisteraars raakt (pathos)

Geloofwaardige verhalen beïnvloeden gedrag

Als u deze stappen doorloopt ontwikkelt u een authentiek verhaal. En wie authentieke verhalen inzet die aansluiten bij wat belangrijk is voor luisteraars, maakt een boodschap concreet en voorstelbaar. Een passend verhaal helpt luisteraars om zich erin te herkennen en het naar hun eigen ervaringen te vertalen. Daardoor wordt het voor hen gemakkelijker om anders naar die eigen ervaringen te gaan kijken. Echte, geloofwaardige verhalen zijn daarmee krachtige gedragsbeïnvloeders.

Deel deze pagina: Storytelling – neem collega’s gemakkelijker mee in innovatieve ict

Delen
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • E-mail
  • Deel deze pagina