Wilt u direct het nieuwe Handboek downloaden? Ga naar het handboek.

Het handboek digitale geletterdheid is de opvolger van de versie uit 2017. Onderaan deze pagina kunt u het downloaden.

Digitale geletterdheid in het curriculum

Digitale geletterdheid wordt zo goed als zeker een vast onderdeel van het curriculum. De komende jaren zal Stichting Leerplan Ontwikkeling (SLO) kerndoelen voor digitale geletterdheid ontwikkelen, in samenwerking met leraren, vakdidactici, scholen en onderwijsorganisaties. Naar verwachting zijn die kerndoelen in 2024 helemaal klaar. Eind 2022 zullen de conceptkerndoelen, waarmee scholen al aan de slag kunnen, gereed zijn.

Dat vooruitzicht noodzaakt scholen tot een volgende stap in hun ontwikkeling. Die stap houdt in dat ze van ad-hocoplossingen overgaan naar een structurele inbedding van digitale geletterdheid. Maar hoe doet u dat? Hoe ontwikkelt u een visie op digitale geletterdheid en hoe implementeert u die? Dat is de centrale vraag waarop we in het nieuwe Handboek digitale geletterdheid antwoord geven. Naast het handboek heeft wikiwijs.nl een verzameling van open lesmateriaal, praktische tips en praktische informatie te vinden over digitale geletterdheid in het primair en voortgezet onderwijs.

Ga naar open lesmateriaal digitale geletterdheid po en vo

Waarom is digitale geletterdheid nodig?

Iedereen zal het erover eens zijn dat leerlingen niet alleen ‘gewoon’ moeten leren lezen en schrijven. Ze moeten ook leren veilig, effectief, kritisch en bewust gebruik te maken van de digitale toepassingen die op dit moment beschikbaar zijn. En ze moeten zich voorbereiden op de digitale toekomst: op school, bij een vervolgopleiding, op het werk, als consument, als burger ten opzichte van de overheid en als burgers onder elkaar. 

Digitale geletterdheid heeft als doel, zo schreef Curriculum.nu in 2020, “om leerlingen op eigen kracht te leren functioneren in een samenleving waarin digitale technologie en media een belangrijke plaats hebben”. 

Leerling achter laptop
Het is belangrijk dat leerlingen goed leren om veilig, effectief, kritisch en bewust gebruik te maken van de digitale toepassingen die op dit moment beschikbaar zijn.

Leerlingen digitaal geletterd maken is meer dan ze voorbereiden op een veranderende arbeidsmarkt. Minstens zo belangrijk is dat leerlingen leren om zichzelf op een positieve manier te ontwikkelen, uit te drukken en hun eigen leven vorm geven in de maatschappij. Niet: leerlingen zo opleiden dat ze precies passen bij wat de maatschappij van ze vraagt. Wel: ze leren reflecteren op de maatschappij, zodat ze kritische vragen kunnen stellen, er vanuit hun eigen overtuigingen aan kunnen bijdragen en de (digitale) maatschappij zelfs kunnen vormen. 

In 2013 waarschuwde de KNAW al voor het ontstaan van een kloof tussen digitaal geletterden en digitaal ongeletterden. In 2021 zijn de verschillen tussen leerlingen nog steeds te groot, zo wijst onder meer de LeerlingMonitor Digitale Geletterdheid uit.

De kern van het leergebied Digitale Geletterdheid

Wat is digitale geletterdheid?

Volgens SLO en Curriculum.nu is digitale geletterdheid een combinatie van 4 domeinen:

Overzicht 4 domeinen van digitale geletterdheid
De 4 domeinen van digitale geletterdheid

6 essentiële thema’s

Ter voorbereiding op de ontwikkeling van de kerndoelen digitale geletterdheid, zijn bij Curriculum.nu door een ‘ontwikkelteam digitale geletterdheid’ van leraren en schoolleiders 6 essentiële thema’s benoemd. Deze thema’s vormen de context voor de ontwikkeling van digitale geletterdheid bij leerlingen: 

  1. data en informatie 
  2. veiligheid en privacy in de digitale wereld 
  3. de werking en het (creatieve) gebruik van digitale technologie
  4. digitale communicatie en samenwerking 
  5. digitaal burgerschap 
  6. digitale economie. 

Binnen deze thema’s komen volgens Curriculum.nu de 4 domeinen van digitale geletterdheid (informatievaardigheden, mediawijsheid, ict-basisvaardigheden en computational thinking) telkens aan bod. 

Een van de thema’s in bovenstaand rijtje dat – sinds de verschijning van het ‘Handboek digitale geletterdheid’ in 2017 – beduidend meer gewicht heeft gekregen, is de invloed van algoritmisering en het gebruik van data. Denk daarbij onder andere aan big data en profiling (door bedrijfsleven en overheden). 

De essentie van dit soort onderwerpen is: wat gebeurt er met mijn data? Voor leerlingen heeft dat ook meteen al heel praktische implicaties. Ze moeten bijvoorbeeld beslissingen nemen over: 

Tip: doe de Nationale AI-cursus

Nieuwe wijsheid

Deze beslissingen vragen om nieuwe wijsheid: je kunnen verhouden tot het dubbele van datagedreven technologieën. Ze vergemakkelijken onze keuzes, helpen bij het aanbieden van inhoud die we leuk vinden of bij het onderhouden van een gezonde leefstijl. Dankzij algoritmen worden zaken overzichtelijker, gemakkelijker, doelmatiger en efficiënter, maar tegelijkertijd perken ze in. Zo volgt u al wandelend via Google Maps de kortste route, terwijl omwegen u misschien wel meer minuten zonneschijn (en extra vitamine D) opleveren. 

Des te belangrijker is het dat leerlingen kritisch en terughoudend kunnen zijn en de wijsheid vergaren om vrije keuzes te kunnen maken, in plaats van klakkeloos de keuzes van technologie te volgen.

Van visie naar praktijk

Hoe vertaalt u een visie op digitale geletterdheid naar de praktijk? Het advies is om niet te wachten tot de kerndoelen klaar zijn. Maak alvast een start. 

“U hoeft niet meteen alles te doen”, aldus Lydwin van Rooyen, vakexpert digitale geletterdheid van SLO en een van de ontwikkelaars van de kerndoelen. “Maar elke stap die u nu al zet is er een in de goede richting.”

Tips

Door onderstaande tips te volgen komt u op het goede spoor voor een integrale implementatie van digitale geletterdheid. U zult merken dat elke tip uitnodigt tot het blijven voeren van gesprekken over een visie op digitale geletterdheid. Door u steeds af te vragen wat elke stap betekent voor uw school, de doelgroep en de onderwijsopdracht, wordt het een traject dat bij u past.

Tips voor de integrale implementatie van digitale geletterdheid:

  1. Zorg voor een stevige basis.
  2. Zoek naar aansluiting bij bestaande vakken.
  3. Prioriteer de relatie met taalvaardigheid.
  4. Besteed voldoende aandacht aan de ontwikkeling van (achtergrond)kennis.
  5. Zet concentratie en aandacht in het juiste perspectief.
  6. Heb oog voor het sociale perspectief.
  7. Zet in op de digitale geletterdheid van de leraar.
  8. Betrek de cirkel van invloed.
  9. Houd digitale geletterdheid en de ict-infrastructuur in balans.

1. Zorg voor een stevige basis

Bied niet halsoverkop alles aan dat valt onder digitale geletterdheid. Onderzoek laat zien hoe belangrijk het is dat u probeert digitale geletterdheid opbouwend aan te bieden. Leerlingen zonder goede ict-basisvaardigheden kunnen bijvoorbeeld niet zomaar leren programmeren. Voor het vinden van informatie op internet is alleen basiskennis over de werking van een zoekmachine niet genoeg; de leerling, moet ook de betrouwbaarheid van digitale informatie kunnen beoordelen. 

2. Zoek naar aansluiting bij bestaande vakken

Digitale geletterdheid kunt u als een apart vak aanbieden, zodat u er zeker van bent dat leerlingen een goede basis hebben. Maar de integratie van digitale geletterdheid leidt ook tot een verrijking van bestaande leergebieden. Bestaande vakken bieden tal van aanknopingspunten om aandacht te besteden aan de leerdoelen van digitale geletterdheid. 

In hoofdstuk 4 van het Handboek digitale geletterdheid leest u verschillende praktijkverhalen hoe scholen dit aanpakken. Of het nu gaat om de integratie met taal, wiskunde of geschiedenis: de koppeling met digitale geletterdheid zorgt voor een frisse blik op bestaande vakgebieden en draagt bij aan het actualiseren van het curriculum.

3. Prioriteer de relatie met taalvaardigheid

Uit tal van onderzoeken blijkt: voor digitale geletterdheid is begrijpend kunnen lezen belangrijk. Hoe beter je leest, hoe groter de kans dat je webteksten snapt en slaagt in een zoekopdracht op internet. En omgekeerd: de leerlingen die slecht scoren op digitale informatievaardigheden, zijn vaak ook minder goed in begrijpend lezen. Lering valt te trekken uit het project ‘App Noot Muis’. In dit innovatieproject, gesteund door de PO-Raad, Kennisnet en SLO, integreren 8 schoolbesturen in het primair onderwijs digitale geletterdheid in hun taalonderwijs.

4. Besteed voldoende aandacht aan de ontwikkeling van (achtergrond)kennis

Dankzij internet heeft bijna iedereen toegang tot een enorme hoeveelheid informatie; niet eerder hadden we zoveel kennis beschikbaar. Tegelijkertijd is het heel moeilijk om te weten wat je níet weet. Je kunt deelnemen aan allerlei maatschappelijke debatten op sociale media, maar niet alles wat mensen online plaatsen klopt. Zelf kunnen publiceren levert een stroom aan ‘vervuilde’ informatie op. Dus ook al lukt het leerlingen informatie te vinden op internet, dan zijn ze er nog niet. Belangrijker: hoe wordt de informatie geïnterpreteerd? Hoe beoordelen ze de relevantie en betrouwbaarheid van die informatie? 

Uit onderzoek blijkt hoe noodzakelijk achtergrondkennis is. Hoe meer leerlingen weten over geschiedenis, aardrijkskunde, biologie, kunst en techniek, hoe beter ze begrijpend lezen. En hoe beter het ze vergaat in hun online zoektocht naar informatie over een van deze thema’s, ook al krijgen ze desinformatie voorgeschoteld. Dit betekent niet dat kennis de voorkeur zou moeten krijgen boven vaardigheden. Er is geen tegenstelling tussen kennis en vaardigheden, zoals soms in discussies wordt beweerd. De twee horen onlosmakelijk bij elkaar.

5. Zet concentratie en aandacht in het juiste perspectief

Scholen kunnen digitale afleiding tegengaan met een schoolcultuur waarin focus mogelijk is. Kennisnet adviseert daar uitgebreid over in de publicatie ‘Schoolbeleid voor smartphones’.

Illustratie van de publicatie Schoolbeleid voor smartphones
De publicatie ‘Schoolbeleid voor smartphones’ helpt scholen op weg bij het maken van een smartphonebeleid.

Los van de ontmoediging van online afleiding loont het de moeite om ‘langzame aandacht’ een prominente plek te geven in de plannen voor digitale geletterdheid. Doorgaans is het perspectief op digitale geletterdheid een actieve: leerlingen leren de mogelijkheden van digitale technologieën te benutten; ze zijn actief, creatief en bewust met technologie bezig. 

Digitale media prikkelen leerlingen ook constant om te participeren. Maar net zo belangrijk is het terughoudend te kunnen zijn: even níet te reageren of actief mee te doen, het swipen te staken, op je te laten inwerken wat een online uiting met je doet. Dit is de andere, vertragende kant van digitale geletterdheid. 
Liesbeth Breek, docent Frans, oefent langzame aandacht door samen met haar leerlingen aandacht te schenken aan World Press Photo en erover te praten, in het Frans uiteraard. Die aanpak wordt Slow Looking genoemd.

6. Heb oog voor het sociale perspectief

In de les

De school staat in verbinding met de hele wereld. Leerlingen kunnen, ook binnen de schoolmuren, via internet contact leggen met leeftijdgenoten in andere landen, zich mengen in andere communities en steun betuigen bij rampen waar ook ter wereld. Het sociale perspectief krijgt, zodra de nieuwe kerndoelen er zijn, zeker een plek in het curriculum. Dat gaat vooral over (sociale) mediawijsheid en digitaal burgerschap, waaronder de vraag hoe je weerstand biedt tegen online polarisatie en bijdraagt aan het goede. Dit is een van de 6 essentiële thema’s van Curriculum.nu.

Buiten de les

De school moet sociaal veilig zijn, ook online. Scholen moeten weten wat de invloed is van online platforms op het leven van een leerling. Dat vraagt soms om ingrijpen. 

Een sociaal veilige school heeft beleid voor sociale media, dat zowel preventief is (hoe voorkomt u digitale misstanden, hoe houdt u het positief?) als reactief van aard (wat doet u als het misgaat?) 

In 2 publicaties leggen we uit hoe u daaraan invulling geeft: 

7. Zet in op de digitale geletterdheid van de leraar

Digitale geletterdheid inbedden in het curriculum vraagt veel van leraren. Het is van belang dat zij zélf ook digitaal geletterd zijn, zodat ze hun kennis en kunde aan leerlingen over kunnen dragen. Niet elke leraar hoeft een expert te zijn, zoals het ook niet nodig is dat elke leraar op hetzelfde niveau digitaal geletterd is. 

Lerares geeft leerling les vanuit huis
Digitale geletterdheid inbedden in het curriculum vraagt veel van leraren. Het is van belang dat zij zélf ook digitaal geletterd zijn, zodat ze hun kennis en kunde aan leerlingen over kunnen dragen.

Uiteraard kan een leraar niet zonder een gedegen basis. Denk aan het kunnen maken van een tekstdocument of een spreadsheet, het kunnen uploaden van foto’s en filmpjes en het kunnen genereren van een veilig wachtwoord (basis/generiek)

En een vaardigheid zoals het kunnen maken van onderscheid tussen betrouwbare en onbetrouwbare online informatie, hoort bij zowel de biologie- en de economiedocent, als bij de leraar in groep 8 (vakoverstijgend/generiek). 

Een economiedocent zal daarnaast ook data uit een spreadsheet moeten kunnen interpreteren en representeren. Ook moet hij begrijpen hoe bedrijven met nieuwe verdienmodellen rondom dataverzameling winst maken, ook via leerlingen (vakspecifiek). 


Bovenal is het pedagogisch kompas in de digitale context van belang. Hoe gaat u om met onbekende, nieuwe situaties op digitaal gebied? Bijvoorbeeld: stel dat u ziet dat een leerling met zijn smartphone een beeld doorstuurt waarop een medeleerling wordt bespot. Onderneemt u actie, of loopt u door? (pedagogisch).

8. Betrek de cirkel van invloed

Naarmate een kind ouder wordt, breidt zijn leefwereld zich steeds verder uit: van het gezin, naar school, naar vrienden buitenshuis, naar clubjes, naar baantjes, enzovoort. De zogenoemde cirkel van invloed (of circle of influence) wordt steeds groter. Waarbij niet alleen de school maar alle systeempartners (die samen het sociale systeem rond het kind vormen) bijdragen aan de totale ontwikkeling, inclusief de digitale ontwikkeling, van het kind. Vraag uzelf ook af hoe u al die partijen, voor zover mogelijk, actief kunt betrekken.

9. Houd digitale geletterdheid en de ict-infrastructuur in balans

Goed onderwijs in digitale geletterdheid is mensenwerk. Maar ook de materiële randvoorwaarden moeten op orde zijn. Een belangrijke randvoorwaarde in het Vier in balans-model van Kennisnet is de ict-infrastructuur. Stem de apparatuur en connectiviteit af op uw ambities voor digitale geletterdheid en blijf afstemmen met uw ict-collega’s, al is het maar om te voorkomen dat de schooldirecteur geen mail kan versturen zolang groep 8 bezig is met programmeren in Scratch.

Weergaven van het Vier in balans-model
De 4 randvoorwaarden van het Vier in balans-model

Hoe integreert u digitale kennis en vaardigheden op een integrale manier in uw curriculum? We adviseren de volgende fasering te beschouwen als een cyclus. Soms zult u opnieuw moeten beginnen, of een stapje terug moeten doen. 

In het handboek wordt deze leidraad uitvoerig behandeld.

Downloads

Het handboek digitale geletterdheid is de opvolger van de versie uit 2017. Deze versie kunt u nog steeds downloaden.

Deel deze pagina: Werken aan digitale geletterdheid: van visie naar praktijk

Delen
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • E-mail