Doorgaan naar hoofdinhoud
  • Uitleg
  • |
  • Beleid en organisatie
  • |
  • po
  • vo

Voorkomen van afleiding door devices in de klas

Sinds het schooljaar 2024-2025 zijn smartphones niet meer toegestaan in de lessen, tenzij ze educatief worden gebruikt. Scholen rapporteren positieve effecten. Toch is de afleiding niet meteen uit de lokalen verdwenen. Laptops, tablets, maar ook ‘wearables’ als smartwatches zijn vaak nog steeds in de klas aanwezig. Berichtjes lezen, stiekem gamen, cijfers checken: het zorgt voor onrust in de klas en voor afleiding bij het leren.

Logo Kennisnet

Door de redactie

15 januari 2026
8 minuten lezen

Afleiding door digitale apparaten is niet nieuw

Dat digitale apparaten leerlingen afleiden in de klas is geen nieuw probleem. Het onderwijs maakte in 2023 niet voor niets een hoofdlijnenafspraak over het gebruik van smartphones. In deze afspraken gaat het expliciet ook over andere devices die voor afleiding kunnen zorgen. Toch kreeg het beleid rond smartphones de meeste aandacht. Logisch ook, omdat de smartphone de grootste stoorzender was. Nu de meeste scholen hier duidelijk beleid voor hebben rijst de vraag: hoe gaan we om met andere apparaten in de klas? Verschuift het probleem van de smartphone naar andere devices? Hoe kunnen scholen hier het beste mee omgaan? En welke rol spelen technologische interventies hierbij?

Meer afleiding door devices in vo dan po

Naast de smartphone zijn er verschillende soorten devices die gebruikt worden in de klas. Zo gebruiken leerlingen laptops of tablets voor hun schoolwerk. Vaak schrijft de school voor dat leerlingen zo’n device moeten aanschaffen of zijn ze op school beschikbaar. Het probleem van afleiding door digitale apparaten speelt vooral in het voortgezet onderwijs. Daar worden digitale apparaten veelvuldig educatief ingezet en hebben meer leerlingen persoonlijke devices. In het primair onderwijs hebben minder leerlingen een eigen smartphone en er wordt minder zelfstandig digitaal gewerkt in de lessen. Scholen merken wel dat basisschoolleerlingen steeds vaker een smartwatch bezitten, maar grote problemen lijken daarmee nog niet voor te komen.

Smartphoneregels hebben effect

In het voortgezet onderwijs lijken de smartphoneregels effect te hebben. Uit de monitoring van de landelijke afspraken blijkt dat bijna alle vo-scholen beleid hebben dat niet-educatief gebruik van smartphones moet tegengaan. Zij rapporteren positieve effecten op concentratie, het sociaal klimaat en – in mindere mate – op leerprestaties. In het primair onderwijs speelt het probleem van afleiding minder. De effecten van het verbod zijn daar dan ook minder duidelijk.

Propjes gooien

Afleiding in de klas is niet nieuw. Leerlingen leiden elkaar en zichzelf ook af door briefjes door te geven, propjes te gooien of door iets wat buiten het klaslokaal gebeurt. Dit betekent niet dat scholen zich hierbij neer moeten leggen: het blijft altijd de moeite waard te onderzoeken waarom leerlingen er in de ene les helemaal bij zijn en het in de andere les moeilijk is de aandacht lang vast te houden. Digitale afleiding is wel een bijzondere categorie van afleiding. Sociale media doen bijvoorbeeld continu een beroep op de aandacht van de leerling. Slimme ontwerpen, verslavende algoritmes: ze houden jongeren (en volwassenen) aan hun scherm gekluisterd. Ook games zijn zo ontworpen dat je steeds weer verder wilt spelen. Leerlingen hebben hulp en ondersteuning nodig om hier weerstand tegen te kunnen bieden.

Beleid om afleiding door devices te voorkomen

Hoewel er geen pasklaar antwoord te geven is op hoe scholen om moeten gaan met afleiding door digitale devices kunnen scholen wel degelijk handelen. De publicatie Schoolbeleid voor smartphones benoemt verschillende dingen die scholen kunnen doen die ook voor het voorkomen van afleiding via andere devices relevant zijn:

  • Inzetten op schoolbreed beleid
  • Zorgen voor goed klassenmanagement
  • Inzetten op zelfregulatie bij leerlingen
  • Werken aan de digitale geletterdheid van leerlingen
  • Het betrekken van ouders

De precieze uitwerking van dit beleid zal per school en per leerlingpopulatie verschillen. Hoe afleidend een device is, wordt ook bepaald door bijvoorbeeld de leermiddelen die je kiest. Werk je alleen met digitale leermiddelen en moeten leerlingen daardoor thuis op hun device huiswerk maken? Dan is de kans op afleiding groot. Meng je digitale leermiddelen met leermiddelen op papier? En vraag je bijvoorbeeld specifiek om huiswerk op papier te maken? Dan kan het device weg en is de kans dat een leerling zich goed kan concentreren groter. Dit zijn allemaal keuzes die je als school zelf kan maken en waarmee je de verantwoordelijkheid om niet afgeleid te raken niet volledig bij de leerling neerlegt.

Technologische interventies

Het is ook mogelijk om afleiding te voorkomen met technologische interventies. Er zijn daarvoor verschillende opties:

  • Webfilters via het interne netwerk. Webfilters maken het mogelijk om toegang tot bepaalde websites te blokkeren. Een webfilter is software die het internetverkeer van je school controleert en op basis van vooraf afgesproken regels voorkomt dat bepaalde sites bezocht kunnen worden. Dat kunnen websites zijn zoals YouTube of bepaalde online games, maar je kunt zo ook de toegang blokkeren tot sites die mogelijk schadelijk zijn omdat ze malware of virussen bevatten. Filtering is relatief eenvoudig in te richten, heeft geen privacyrisico’s en het effect is direct omdat de gebruiker van het device de toegang tot de site ontzegd wordt. Je hoeft dus niet ook nog zelf in te grijpen. Omdat filtering werkt via je eigen interne netwerk is het wel vrij eenvoudig te omzeilen. Bijvoorbeeld door een hotspot aan te maken of het internet op te gaan via een open netwerk van een naburig gebouw.
  • Webfiltering via mobile devicemanagement. Je kunt ook webfilters instellen via mobile devicemanagement (MDM). De filtering wordt dan op het niveau van het device afgedwongen. Dit is minder makkelijk te omzeilen en er is meer flexibiliteit in mogelijk. Je kunt bijvoorbeeld YouTube tijdelijk wel toestaan als dat nodig is voor een schoolopdracht. Voor het toepassen van dit type filtering moet de MDM-software op het device geïnstalleerd te zijn. Het toepassen van MDM-software op devices die niet van de school zijn vormt een juridische uitdaging. Dit betekent in de praktijk vaak dat het alleen toe te passen is op devices die van de school zijn en door de school worden beheerd. En niet op devices die door leerlingen zelf zijn aangeschaft.
  • Monitoring. Monitoring is een andere manier om afleiding te voorkomen. Met monitoringsoftware kunnen leraren op de schermen van leerlingen meekijken en in sommige gevallen het scherm van de leerling overnemen of bevriezen. De inbreuk op de privacy van leerlingen is bij monitoring echter veel groter dan bij filtering en het effect is niet direct. Je moet namelijk als leraar zelf ingrijpen als een leerling iets doet wat je onwenselijk vindt. Monitoring is daardoor een stuk lastiger in te richten dan filtering en erg vergaande maatregel.

Filtering op deviceniveau en monitoring zijn beiden alleen toe te passen op volledig beheerde apparaten die eigendom zijn van de school zelf. Met de inzet van dit soort technologieën kunnen scholen voorkomen dat leerlingen worden afgeleid en ingrijpen wanneer dat nodig is. Tegelijkertijd zitten er aan de inzet van met name monitoringsoftware juridische haken en ogen en roept het ook de nodige ethische en pedagogische vragen op.

Monitoringsoftware en informatiebeveiliging en privacy

Overweeg je gebruik te maken van monitoring van devices? Hou er dan rekening bij dat bij monitoring persoonsgegevens worden verwerkt. Dat betekent dat je moet voldoen aan de regels van de AVG. Zo moet je onder andere een geldige reden (grondslag) en een duidelijk en wettig doel hebben om de gegevens te verwerken. Je moet ook kunnen aantonen dat er geen alternatieven zijn die minder inbreuk hebben op de privacy van leerlingen. Je leest meer over deze en andere regels waar je rekening mee moet houden bij de toepassing van de AVG op school in het artikel de gouden privacyregels voor scholen: zo voldoe je aan de AVG

Normenkader IBP

Zowel monitoring als filtering heeft niet alleen impact op de privacy van leerlingen, maar ook op de informatiebeveiliging van je organisatie. Je leest daar meer over in het Groeipad van het Normenkader IBP. Voor monitoring zijn met name de deelprojecten 4.1 Uitvoeren van logging en monitoring en 3.6 Beveiligen van werkplekken en mobiele apparaten van belang.

Ethische en pedagogische overwegingen

Naast technische en juridische afwegingen spelen ook ethische en pedagogische afwegingen een rol. Moet digitale afleiding wel bestreden moet worden met een andere vorm van technologie en de mogelijke onrust die daar weer mee gepaard gaat? Wat betekent het bijvoorbeeld voor leerlingen als er op hun schermen wordt meegekeken? Hoe beïnvloedt dat hun ruimte om ongezien te oefenen, te proberen en fouten te maken? En sluit deze manier van toezicht houden wel aan bij de manier waarop de school leerlingen wil begeleiden naar volwassenheid?

Op zoek naar balans

Door digitalisering komen er andere vormen van afleiding de klassen binnen. We kunnen dit probleem niet oplossen door de verantwoordelijkheid volledig bij de leerling te leggen. Je kiest als school zelf voor het gebruik van een device. Het is dus primair aan de school om te voorkomen dat het tot afleiding leidt. Zowel in de klas als thuis tijdens het huiswerk maken. Afleiding voorkom je echter niet met alleen regels, verboden of technologisch ingrijpen. Het succes van de smartphone-afspraken laat zien dat eenduidig beleid belangrijk is. Maar je moet ook goed vooraf nadenken over de plek die een device inneemt naast andere leermiddelen. Hoe ga je het inzetten? Wanneer ga je leerlingen wel en juist niet op een device laten werken?

Digitale technologie zal zich blijven ontwikkelen en nieuwe vormen van afleiding zullen zich blijven aandienen. Daarbij is geen enkele interventie waterdicht. Leraren zien niet alles. Een lijst met te blokkeren websites kan zorgvuldig worden bijgehouden en aangepast, maar leerlingen vinden altijd weer nieuwe websites die voor afleiding zorgen. Of het nu gaat om een nieuwe game, online winkel of sociaalmediaplatform. Wees je er dus ook van bewust dat er dingen zijn die je kunt doen, maar dat volledige beheersing niet de oplossing is. Naast afspraken, regels, technologische interventies en beleid, is een zachtere benadering ook belangrijk: ga in gesprek met leerlingen en ouders over digitale afleiding, zoek naar gezamenlijke oplossingen en geef leerlingen verantwoordelijkheid en vertrouwen.

Verder lezen

Smartphonebeleid op school: deze stappen helpen je op weg

Bij het opstellen van smartphonebeleid komen verschillende vragen naar voren. Zetten we de telefoon voor onderwijsdoelen in, of is het apparaat helemaal niet welkom in de klas? Mogen leerlingen in de pauzes wel op hun telefoon, of geldt er een totaalverbod? En wat zijn uitzonderingen op de regels? Gebruik dit stappenplan voor het ontwikkelen en naleven van schoolbeleid voor smartphones.
Smartphonebeleid op school: deze stappen helpen je op weg

Data in de klas: een pleidooi voor meer vrije ruimte in het onderwijs

In het Kennisnet-essay Data in de klas: een pleidooi voor meer vrije ruimte in het onderwijs in de UNICEF-bundel over digitale kinderrechten lees je meer over wat monitoring doet met leerlingen. Want wie zich bekeken weet – zeker wanneer niet duidelijk is door wie en wanneer – voelt zich minder vrij. En wie zichzelf observeert door de blik van iemand die mogelijk meekijkt, gaat zich anders gedragen.
Data in de klas: een pleidooi voor meer vrije ruimte in het onderwijs

De onderwerpen waarover wij publiceren