Is het een goed idee om een robot voor de klas te zetten?

"Robots in de klas zijn vooral zinvol om leerlingen vertrouwd te maken met de mogelijkheden en beperkingen van machines. Bijvoorbeeld door ze instructies te laten bedenken voor een robot. Zo leren leerlingen hoe je machines kan inzetten en stappen kunt laten uitvoeren.

Een robot voor de klas zetten om les te geven, dat ziet er leuk uit, maar bevordert niet per se een effectiever leerproces. Robots kunnen bijvoorbeeld niet beter adaptief onderwijs aanbieden dan een tablet met dezelfde software.

Daarnaast is de fijne motoriek en het vermogen om menselijk gedrag te interpreteren nog niet genoeg ontwikkeld om een robot geloofwaardig en zinvol alleen voor de klas te laten staan."

Op scholengemeenschap Thamen in Uithoorn wordt een experimentele robot uitgeprobeerd in de klas © Olivier Middendorp/Hollandse Hoogte

Robots worden al vaker in verzorgingshuizen ingezet, werkt het daar wel?

"Zodra robots een globale gelijkenis met ons hebben - een hoofd, twee ogen en rechtop staand - vormen we er al snel een emotionele band mee. Dat kan zinvol zijn omdat het een gevoel van gezelschap geeft.

Maar, de robot kan de informatie die binnenkomt uit gesprekken nog niet goed analyseren of er adequaat op reageren. Er wordt veel verondersteld over het inlevingsvermogen van een robot, maar hoe die reageert is vastgelegd in de software, in regels die door mensen gekozen zijn."

Hoe belangrijk zijn die keuzes?

"Zeer belangrijk, omdat de ethische grenzen voor het gedrag en de keuzes van slimme, zelfstandige machines gevolgen hebben voor onze leefwereld - een toekomstige maatschappij waar de kinderen van vandaag op moeten worden voorbereid.

Een voorbeeld die de impact van softwarematige keuzes kan illustreren is de zelfrijdende auto. Welke keuzes laten we een auto maken in geval van een dreigend ongeluk?

Al dat soort regels moeten in de software gebouwd worden gebaseerd op menselijke keuzes, maar roepen ook ethische vragen op."

Hoe vertaalt dat zich naar het onderwijs?

"De vraag is hoeveel verantwoordelijkheid we aan een robot willen geven. En daarbij kunnen we het woord 'robot' loslaten omdat het vooral om de software gaat die erachter zit.

Een digitale leeromgeving kan bijvoorbeeld wel inschatten dat een leerling een opdracht beter op een lager niveau kan oefenen als het 5 keer fout gaat. Dat kan heel effectief zijn om leerlingen onderwijs op maat aan te bieden.

Sommige software heeft zich inmiddels wel bewezen, zoals Rekentuin. De docent krijgt dan inzicht in de voortgang met rekenen en kan kinderen, die vastlopen, apart nemen voor extra uitleg.

Maar binnen het onderwijs moeten we wel nadenken en aangeven binnen welke kaders machines beslissingen mogen nemen en hoe zelfstandig we ze daar in laten zijn."

Het blijft dus een wisselwerking tussen mens en machine?

"Docenten hoeven zich geen zorgen te maken over hun toekomst. Er zijn herhalende taken, zoals het nakijken van een rekensom, die heel goed te programmeren zijn voor robots en software. Daardoor krijg je als docent meer tijd voor zaken die robots niet kunnen.

Bijvoorbeeld interpreteren wat een dagje oefening zegt over de vervolgbehoeften van een leerling - dat is echt een menselijke taak. Ook het coachen van de leerlingen, sociale interactie en emotionele ondersteuning."

Toch zijn scholen nog terughoudend met robots, hoe komt dat?

"Dat heeft soms te maken met een gebrek aan kennis en ervaring. Als je niet snapt hoe iets werkt, dan lijkt het magisch en onbegrijpelijk. Daarom is het juist voor scholen, docenten en kinderen belangrijk om wel te ontdekken hoe robots en software werken.

Daarin zie ik een goede rol voor robots weggelegd: kinderen voorbereiden op een samenleving waarin steeds meer robots en machines werkzaam zullen zijn. Begrip van de werking geeft kinderen een voordeel in de maatschappij van de toekomst."

Wat kunnen scholen de komende tijd verwachten van de ontwikkelingen?

"We zullen steeds meer voorbeelden van de inzet van robots zien in onze dagelijkse omgeving. Bijvoorbeeld als wegwijzers in publieke gebouwen, ondersteuning in de zorg, het (openbaar) vervoer en allerlei kleinere apparaten die we nu nog als 'dom' beschouwen.

Voor basisscholen is robotisering vooral een aspect van de maatschappij waar je leerlingen op voorbereidt: wat kunnen robots en welke rol spelen ze straks in ons dagelijks leven?

In het vervolgonderwijs gaat het om een goede oriëntatie op het arbeidsmarktperspectief: welke taken zullen overgenomen worden door intelligente software en wat betekent dat voor mijn oriëntatie op een vervolgopleiding? Hoe onderscheid ik me van machines?

Leerlingen kun je bewust maken van die maatschappelijke veranderingen door ze ervaringen te laten opdoen met robots. Via oefeningen als robots bouwen, programmeren en vooral ook filosoferen over de beperkingen van machines en de sterke punten van menselijke kennis en vaardigheden."

Meer weten over technologische trends zoals robotisering?

Wil je meer weten over de impact van robotisering en andere technologische ontwikkelingen op het onderwijs? Lees dan het Kennisnet Trendrapport of beluister de podcast over kunstmatige intelligentie in het onderwijs.

Marianne Eggink is freelance journalist. 

Downloads

Deel Robots in het onderwijs: moeten leraren zich zorgen maken?

Delen
  • LinkedIn
  • Twitter
  • Facebook
  • Google+
  • E-mail
  • Terug