Scholen die maatwerk willen ondersteunen met flexibel roosteren, lopen tegen diverse obstakels aan. De inzet van leraren en de planning van vakonderdelen moeten anders worden georganiseerd en lokalen in het schoolgebouw lenen zich qua formaat en inrichting vaak niet voor andere leersituaties. En dan is er nog de logistieke puzzel, die scholen bij voorkeur eenvoudiger maken met een goed softwarepakket.

Roosteren kan een behoorlijke logistieke puzzel zijn
Een planningsbord voor lesroosters op een school voor voortgezet onderwijs © Marc de Haan/Hollandse Hoogte

Het lesrooster is het organisatiemodel waarin de vraag naar onderwijs en het aanbod van de juiste leraar en het juiste vakgebied op de juiste plek bij elkaar komen. Of in andere woorden: de leersituatie bestaat uit de organisatie van wat er wordt geleerd, hoe er wordt geleerd, waar wordt geleerd en wanneer er wordt geleerd. Het rooster organiseert vooral de laatste twee componenten.

Verschillende vormen van roostering

In de ontwikkeling naar differentiëren en personaliseren zijn er voor roosteren de volgende vormen denkbaar:

  1. Differentiatie binnen een vaststaand, collectief rooster
  2. Periodes in het rooster waarin klassenverbanden worden losgelaten
  3. Differentiatie met een menukaart
  4. Differentiatie met een volledig persoonlijk rooster

Differentiatie binnen een collectief rooster

Deze variant komt het meest voor. Binnen die uren komt het in het po vaak voor dat leerkrachten met niveaugroepen werken. Veel methodes ondersteunen de driedeling tussen een minimum-, gemiddeld- en maximumniveau.

Veel scholen die beginnen met personaliseren werken in het rooster met periodes waarin klassenverbanden worden losgelaten. Leerlingen werken voor bepaalde vakken aan opdrachten, gebruiken adaptieve programma's of volgen keuzevakken. Denk aan de traditionele Daltonuren. Vaak worden hiervoor leerpleinen ingericht. Deze periodes worden uitgebreid naarmate leraren beter uit de voeten kunnen met gedifferentieerd begeleiden.

Differentiatie met een menukaart

Differentiatie met een menukaart is in Nederland een redelijk nieuw fenomeen. De Zweedse Kunskapsskolan hebben hier al zo'n tien jaar ervaring mee. Het fenomeen 'les' wordt losgelaten en er worden 'didactische eenheden' ingericht, zoals korte instructieperiodes, workshops, onderzoekslabs en zelfwerkperiodes. In wekelijks overleg met een coach kiest de leerling de werkvormen voor de komende week. Roosters worden steeds voor bijvoorbeeld zes of tien weken gemaakt.

Differentiatie met een volledig persoonlijk rooster

Dit is de meest extreme organisatievorm.Een aantal scholen wil zo dicht mogelijk bij een leersituatie komen waarin de leerling zelf zijn leerroute uitstippelt, liefst aan de hand van de eigen leervraag. Agora van Niekée in Roermond is zo'n school. In feite draait men hier de situatie om, door te zeggen: 'zeg wat je wilt leren, wij staan daarbij voor je klaar'.

Hier en daar wordt gesuggereerd dat een overstap van een traditionele naar een van deze gepersonaliseerde organisatievormen wordt bemoeilijkt omdat er geen goede plannings- en roosterpakketten zijn, die flexibel roosteren mogelijk maken. De afgelopen jaren ontstonden vaak initiatieven die knelpunten moesten oplossen. Vaak ontstaan die omdat leerlingvolgsystemen, administratiesystemen en rooster- en planningssystemen niet aan elkaar kunnen worden gekoppeld.

TripleA

Een interessant initiatief in de mbo-sector was het project TripleA, dat in 2009 een uitgebreide architectuur van het onderwijsproces beschreef. Het model leverde een functioneel ontwerp voor roc's om de onderwijsprocessen te digitaliseren. Het hart van het initiatief is de onderwijscatalogus. Daarin wordt het onderwijsaanbod beschreven. Het toont losse stukjes aanbod: de zogeheten onderwijsproducten. Die zijn als legoblokjes waarmee je voor iedere student een eigen leertraject bouwt.

Urgentie nodig

Kennisnet ondersteunt en volgt initiatieven van samenwerkende besturen, die stappen zetten naar flexibilisering van onderwijs door toepassing van dit soort filosofiën, zeker omdat zonder goede automatisering een gepersonaliseerde organisatie van de school ondenkbaar is. De meeste docenten hebben echter hun handen vol aan het leren differentiëren en het wennen aan digitaal materiaal of bevatten de mogelijkheden van de bestaande leerlingvolg-, plannings- en roosterprogramma's nog niet. 

Deze realiteit heeft al meerdere pogingen door leveranciers of kennisnet, om koppelpunten in scholen te verwezenlijken gefrustreerd. Voordat we op technologisch gebied verbetering zullen zien moet er een stevige, vanuit een bestaande praktijk gevormde urgentie liggen.

Deel De logistieke puzzel van het roosteren

Delen
  • LinkedIn
  • Twitter
  • Facebook
  • Google+
  • E-mail
  • Terug