In dit interview licht Toine Maes het belang van het programma toe en vertelt hij over de mooie samenwerking met de mbo-sector.

Programma is op stoom

In januari 2020 is het programma Doorpakken op digitalisering van start gegaan, met saMBO-ICT als penvoerder. De eerste maanden zijn acht teams opgestart (één voor ieder thema) met mensen uit het mbo-veld. Bestaande uit een bestuurlijke trekker, bestuurlijke buddy’s, aanvoerder, verbinders en de teamleden. Inmiddels is het programma echt op stoom. Elk team heeft tijdens de 42ste saMBO-ICT-conferentie de plannen, eerste resultaten en actuele vraagstukken gepresenteerd. 

Waarom is het belangrijk dat dit programma er is?

“Omdat doorpakken nu zo belangrijk is. De mbo-sector weet wat ze wil en is tot een heel goede ABC gekomen. Waarbij de A staat voor ‘articuleren’, het in beeld brengen van de behoefte van de mbo-sector. De B voor ‘beschrijven en benoemen’ van wat je precies wilt bereiken. En C voor het ‘creëren’ van een prachtig programma dat het gaat realiseren. Maar met het ABC alleen kom je er niet. Dat is de basis en het is noodzakelijk, maar het gaat om het realiseren van resultaten. En dat doe je met de D van Doorpakken op digitalisering. Waardoor je je de resultaten ook gaat verzilveren.

“Daarbij: als je kijkt naar de vraagstukken waar de mbo-sector voor staat, vergelijkbaar met andere onderwijssectoren, die zijn gigantisch. Ik geloof oprecht dat digitalisering hierbij een heel belangrijke rol kan spelen. Als we nu digitalisering niet bij de kop pakken, dan laten we kansen liggen in het werken aan die vraagstukken. Ik geloof dat de tijd rijp is om dat nu te doen.”

Doorpakken op digitalisering: Met behulp van ict kunnen we ‘een leven lang ontwikkelen’ flexibeler en beter organiseren

De tijd is nu rijp, waarom is dat nog meer?

“Ten eerste omdat de mbo-sector weet wat ze wil en vanuit visie veel beter richting kan geven aan digitalisering. Een sector die goed nadenkt en bereid is richting te geven aan haar eigen ontwikkeling, dat is het allerbelangrijkste. Sectoren breed hebben daar te lang mee gewacht. Het is goed dat het er nu ligt. 

“Ten tweede vragen de ontwikkelingen in de markt nu om actie. Er is verschraling van het aanbod uit de markt en leveranciers worden steeds groter en invloedrijker. We moeten nu vanuit de sectoren zelf tegenkracht gaan ontwikkelen. Vanuit je eigen visie kun je dan richting geven aan andere partijen. Wat willen we als sector? En hoe kunnen we zorgen dat die marktpartijen zich meer gaan richten op wat de mbo-sector wil?

“Tot slot is er de urgentie die wordt gevoeld. Bepaalde vraagstukken zijn zo belangrijk. En de bewustwording dat digitalisering daarbij een rol kan spelen. Dat maakt ook dat het heel belangrijk is om nu met dit programma aan de slag te gaan.”

Welke vraagstukken in het mbo laten die urgentie nog meer zien?

“De mbo-sector ervaart al jaren dat – als je een leven lang ontwikkelen in het onderwijs wilt ondersteunen – je veel meer flexibilisering nodig hebt. Ik denk dan bijvoorbeeld aan mensen die al een beroep op mbo-niveau hebben en die je wilt laten terugkeren om aanvullende cursussen of een opleiding te doen. Dat vraagt om meer flexibilisering op thema’s als logistiek, leermiddelen en docentondersteuning. En zo kan je alle thema’s van het programma linken aan die behoefte om te flexibiliseren.

“Ook corona heeft de urgentie bevestigd en laat zien dat digitalisering grote invloed op het onderwijsproces kan hebben. Dat leidt tot structurele veranderingen in de komende jaren. Het is van belang om deze te matchen met de strategische ambities van de scholen en de sector.”

Wat is de rol van Kennisnet in dit programma?

“Doorpakken op digitalisering bevat alle belangrijke elementen om zo’n programma tot een succes te maken. Zoals bestuurlijk draagvlak, gevoel van urgentie en bewustzijn dat digitalisering een belangrijke rol kan spelen. Dat is voor een organisatie als Kennisnet heel belangrijk, want als een sector laat zien wat ze wil, dan kunnen wij daar als organisatie veel beter op inspelen. Kennisnet draagt daarom volop bij met menskracht, expertise en de toepassing van onze voorzieningen. De interactie die daardoor nu is ontstaan tussen Kennisnet en de mbo-sector heb ik nog niet eerder meegemaakt.”

Toine Maes spreekt zaal toe
Toine Maes aan het woord tijdens het congres OnderwijsInzicht 2020

Waarom is dit belangrijk voor het mbo?

“Ik las in het document Toekomst van ons onderwijs dat het beroepsonderwijs vindt dat het ondergewaardeerd wordt. Dat is nogal wat als je dat van je eigen sector moet zeggen. En dat kan niet, want in deze samenleving hebben we het beroepsonderwijs heel hard nodig. En alles wat kan helpen om dat kwalitatief beter te maken en het de waardering te laten krijgen die het verdient, al die kansen moeten we 100% pakken. Dus als je zo’n mooi programma op de kar hebt geladen, moet dat tot resultaat gaan leiden.”

Wat kunnen andere onderwijssectoren leren van het programma op het gebied van digitalisering?

“Het programma Doorpakken wordt gedragen door de hele sector, op alle niveaus. Aan de ene kant bestuurders die richting geven aan het programma, maar ook mensen in de instellingen en organisaties zelf die in de uitvoering actief zijn. Dit is de kracht van het programma.”

Afkijken mag

“Je merkt, en dat vind ik een heel mooi fenomeen van de afgelopen twee jaar, dat sectoren ook veel meer naar elkaar kijken. Zo heeft het programma Doorpakken op haar beurt weer heel goed gekeken naar het Versnellingsplan Onderwijsinnovatie met ICT in het hoger onderwijs. Het slim afkijken bij elkaar en dingen overnemen, dat gaat de afgelopen jaren beter. En dat moeten we voortzetten. In het onderwijs is afkijken niet iets wat je wilt stimuleren, maar bij dit soort programma’s wel. Afkijken bij elkaar mag!”

Wat hebben we bereikt aan het einde van het programma?

“In algemene zin: resultaat. Ik geloof dat je de durf moet hebben om functioneel te benoemen wat het eindresultaat zou moeten zijn op elk van deze thema’s. En zo is het ook gebeurd! Waar moet de logistiek van de toekomst aan voldoen? Of wat wil ik bereikt hebben in termen van professionalisering van mijn docenten of flexibilisering in de leermiddelen? Wanneer ben ik tevreden? Het is echt aan het programma en de mensen in het mbo om precies te definiëren wat het resultaat per thema is. Vier je kortetermijnsuccessen, maar definieer ook je langetermijnresultaat.”

Meer informatie

Deel deze pagina: ‘Deze interactie tussen de mbo-sector en Kennisnet nog niet eerder meegemaakt.’

Delen
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • E-mail