Binnen het primair en voortgezet onderwijs worden verschillende beheer- en samenwerkplatformen gebruikt. Denk aan Google G Suite for Education, Microsoft Office 365 (O365) en JAMF voor het Apple ecosysteem. Groot voordeel van deze platformen: gebruikers kunnen op een eenvoudige en laagdrempelige manier met elkaar samenwerken (bestanden maken en delen, mailen en videobellen). 

Ook maakt het platform het mogelijk om devices (Windows laptops, Chromebooks en iPads) op afstand te beheren. Bij het beheer van devices moet u denken aan het op afstand installeren van software, beperkingen opleggen aan gebruikte apps of websites en een toetsmodus activeren om veilig te kunnen toetsen.  

Onderzoek naar gebruik platformen en devices

Omdat er verschillende verhalen en cijfers zijn over het gebruik van devices en platformen in het primair en voortgezet onderwijs, heeft Kennisnet onderzoek gedaan om het werkelijke gebruik inzichtelijk te maken. Aan de peiling deden 443 scholen uit primair onderwijs (115.000 leerlingen) en 115 scholen uit het voortgezet onderwijs (165.000 leerlingen) mee. Centrale vraag binnen deze peiling: hoeveel worden devices en beheer- en samenwerkplatformen gebruikt, en hoe kopen schoolbesturen deze devices en platformen in?

Gebruikscijfers platformen 

Op basis van de peiling blijkt dat de verschillende platformen als volgt worden gebruikt: 

Uit de peiling blijkt dat op veel scholen meerdere platformen in gebruik zijn. Voor leraren kan dit lastig zijn, bijvoorbeeld als ze in de klas met Google G Suite for Education werken omdat leerlingen met Chromebooks werken, terwijl ze met collega’s samenwerken via Office 365. Ook beheersmatig kan dit voor extra complexiteit zorgen. Bijvoorbeeld door meerdere koppelingen met het printsysteem aan te moeten brengen, om te kunnen printen vanuit zowel Chromebooks als Windows devices.

Leerlingen aan het werk met een applicatie op een tablet
Leerlingen aan het werk op een device.

Gebruikscijfers devices

Wanneer we kijken naar het gebruik van devices, komen we tot onderstaande gebruikscijfers: 

Windows devices vaker in het voortgezet onderwijs

Interessant is de vraag waarom Windows devices in het voortgezet onderwijs veel meer worden ingezet. Dat is te verklaren: Het beheer van Windows devices is in de regel complexer dan dat van Chromebooks of iPads. Dat er in het voortgezet onderwijs toch vaker voor Windows devices in de klas wordt gekozen, is te verklaren. Windows devices bieden namelijk meer mogelijkheden op het gebied van het gebruik van software, zoals Adobe software of technische CAD-tekenprogramma’s, en het aansluiten van randapparatuur, zoals meetapparatuur voor bèta-vakken. Dit is bij Chromebooks en iPads ingewikkelder en vaak onmogelijk. Daarom kiezen veel scholen voor Windows devices omdat dit beter aansluit bij hun wensen. 

Inkoop en gebruik platformen door schoolbestuurders 

In het primair onderwijs zijn veel ‘totaalleveranciers’ actief. Een schoolbestuur koopt daar de devices voor leerlingen. De leverancier zorgt op verzoek voor infrastructuur (internet en wifi), de uitlevering en het beheer van de devices in een platform als Office 365, Google G Suite for Education of JAMF. Dit is de infrastructuur. 

Daarnaast zorgen deze leveranciers ook voor toegang tot digitale leermiddelen, door het meeleveren van een eigen schil (leveranciersportaal of kortweg portaal), die niet alleen toegang biedt tot de beheeromgeving en tot de office-applicaties, maar ook tot digitale leermiddelen, vaak alleen via Basispoort. Dit portaal, waar de leerling en leraar gebruik van maken, zijn systemen als MOO, COOL, Prowise Go en ZuluConnect. 

Niet al het digitale lesmateriaal is beschikbaar via de leveranciersportalen. Dit is bijvoorbeeld het geval als u via het portaal alleen leermiddelen kunt benaderen die zijn aangesloten op Basispoort. Leraar en leerling gebruiken in dat geval naast het portaal ook een andere manier om lesmateriaal te benaderen, vaak via een website.

In het voortgezet onderwijs wordt ict veel vaker modulair ingekocht dan in het primair onderwijs. Bijvoorbeeld: bij de ene leverancier kopen ze devices in, bij de andere leverancier netwerkapparatuur en bij weer een ander de printers. In dat geval zijn besturen zelf verantwoordelijk voor het veilig en juist samenwerken van de losse systemen. Dit betekent dat devices in zo’n situatie zelf beheerd worden en de beheeromgeving zelf wordt ingericht. 

Leraren en leerlingen maken vaak gebruik van de samenwerkplatformen van Google, Microsoft en (in mindere mate) Apple, zonder specifiek leveranciersportaal. Digitaal lesmateriaal wordt benaderd via een ELO, zoals Magister, Somtoday of itslearning. Daar zien we overigens een ontwikkeling: digitaal lesmateriaal wordt soms direct binnen Microsoft Teams (onderdeel van Office 365) of Google Classroom toegankelijk wordt gemaakt.

Conclusie

Uit de peiling blijkt dat devices en platformen verschillend worden gebruikt, ingericht en ingekocht in het primair en voortgezet onderwijs. Dit laat zien dat de behoeftes van deze sectoren flink van elkaar verschillen op dit gebied. 

In het primair onderwijs is er meer behoefte aan eenvoud, dus wordt daar veel meer gekozen voor geïntegreerde dienstverlening en eenvoudige devices zoals iPads en Chromebooks. 

In het voortgezet onderwijs ligt die behoefte anders. De oudere leerlingen maken juist veel meer gebruik van complexere software en randapparatuur. Hier zien we dat leerlingen daarom meer gebruikmaken van Windows devices.

Meer informatie

Meer weten over samenwerkplatformen devices?

Kennisnet.nl

Lesopafstand.nl

Deel deze pagina: Onderzoek naar gebruik van devices en samenwerkplatformen: dit zijn de cijfers

Delen
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • E-mail